Fietsers: de juiste reacties bij hindernissen!

Onderbroken fietspaden, tramsporen, een fout geparkeerd voertuig, een portier dat plots openzwaait ... allemaal gevaarlijke situaties voor fietsers die daardoor het fietspad moeten verlaten of moeten afwijken van hun traject op de rijbaan. Daarom geven we hier enkele praktische tips voor de (steeds talrijker wordende) liefhebbers van het stalen ros.

Zo kan je als fietser een valpartij of een ongeval vermijden:

• Rijd zelfverzekerd, let altijd goed op en kijk ver voor je uit zodat je niet verrast wordt door een hindernis, een goot of grind op je pad.

• Als je wordt geconfronteerd met een risico of een hindernis, anticipeer dan. Anders gezegd: vertraag en neem de juiste beslissing: stoppen, doorrijden of naar links of rechts uitwijken. 

• Wanneer je op een slechte ondergrond rijdt, houd dan je stuur stevig vast en je voeten goed op de pedalen.

• Moet je van je oorspronkelijke traject op het fietspad afwijken, maak dan je intentie duidelijk en wijk bij voorkeur uit naar de kant van de huizen of de berm (dus weg  van de rijbaan).

• Als je door een ontbrekend of beschadigd stuk fietspad op de rijbaan moet gaan rijden, kijk dan eerst achterom of je veilig kan uitwijken.

• Wees extra voorzichtig op een rijbaan met tramsporen. De kans op een valpartij is dan immers extra groot, bijvoorbeeld wanneer je met uw wiel in het spoor terechtkomt, doordat ze spekglad zijn door de regen of er kruisende tramsporen op je pad liggen.

Nog enkele nuttige tips uit de brochure “Meester op de fiets”:

• Wanneer je het fietspad verlaat, laat dan eerst eventuele andere weggebruikers passeren.

• Zodra het fietspad weer bereikbaar en berijdbaar is, moet je hier weer gaan rijden.

• Let op: je moet een tram altijd voorrang geven, behalve als hij voor een rood licht staat of als een bevoegde persoon het anders aangeeft.

• Wanneer een bus of tram links naast je tot stilstand komt, moet je vertragen en indien nodig stoppen zodat de passagiers kunnen in- of uitstappen.

© Secunews.be