Veilig naar school

Dinsdag is het weer zover: de school begint opnieuw. Daarom leek het voor ons een uitgelezen kans om een aantal maatregelen rond verkeersveiligheid op te frissen. 

Alleen naar school

Als je kind vraagt om alleen naar school te mogen gaan, bereid hem of haar dan goed voor op de eerste schooldag in het verkeer.

Oefen meermaals samen te voet (of met de fiets, de bus…) de weg naar school vooraleer je je kind alleen laat vertrekken. Besteed voldoende aandacht aan de plaatsen waar het bijzonder moet opletten. Begin reeds te oefenen tijdens de vakantie en ga eerst nog een aantal dagen mee als de school al begonnen is. Het drukkere verkeer maakt de schoolweg immers anders.

Te voet 

te voet

Stippel vooraf de veiligste weg uit en oefen al eens in de vakantie. Hou er rekening mee dat de kortste weg niet altijd de veiligste is. Kies voor veilige oversteekplaatsen (zebrapad, verkeerslichten, goede zichtbaarheid, straten met weinig verkeer, straten waar wagens niet snel rijden,...) en straten met brede trottoirs of goed begaanbare bermen. Leer je kind ook om correct en veilig de weg over te steken (goed kijken van links naar rechts, voor de rand van de stoep stoppen,…). 

Nog enkele tips:

  • Loop zelf altijd langs de kant van het verkeer en laat kinderen langs de kant van de huizen lopen.
  • Wacht je kind nooit op aan de overkant van de straat. Zo voorkom je dat ze je zonder uitkijken tegemoet rennen.
  • Haast en spoed is zelden goed! Een gehaast kind heeft geen oog meer voor zijn omgeving en wordt onvoorzichtig. Zorg ervoor dat je kind steeds op tijd thuis vertrekt en zich rustig door het verkeer kan bewegen.

 

Met de fiets naar school

fiets

In een zitje op de fiets

Zet je kind in een fietsstoeltje dat voldoet aan de nodige veiligheidseisen (riempjes, voetsteunen om te voorkomen dat de voetjes tussen de spaken terechtkomen,...) en dat het de norm EN 14344 heeft. Kies bij voorkeur voor een fietszitje dat achterop op het kader van de fiets wordt bevestigd (niet enkel op de bagagedrager). Zorg ervoor dat je kind stevig met de riempjes in het stoeltje vastzit. Denk steeds aan de veiligheid van je kind en laat hen een fietshelm dragen. 

In een fietskar of bakfiets

Fietskarren of bakfietsen worden steeds populairder en zijn ideaal voor langere afstanden. In fietskarren mogen er maximum twee kinderen worden vervoerd. De constructie van een fietskar beschermt de kinderen en zorgt ervoor dat bij botsingen met een auto de kar wegschuift in plaats van omvalt. Het is belangrijk dat elke zitplaats uitgerust is met bescherming voor de handen, voeten en rug. Voor de veiligheid moeten de kinderen worden vastgemaakt met de voorziene riempjes. In bakfietsen kunnen één tot vier kinderen worden vervoerd. Je kan kiezen voor de tweewielbakfiets die iets minder stabiel is, maar wel licht en wendbaar fietst, of voor de driewielbakfiets, die een grotere bak heeft en niet kan omvallen. Hou er rekening mee dat fietsen met een bakfiets zwaarder is dan fietsen met een fietskar. Met een bakfiets heb je ook meer last van onregelmatigheden in het wegdek. Ook hier raden we het dragen van een fietshelm aan.

Meefietsen met je kind 

Als je meefietst met je kind rij je in het begin beter naast je kind, aan de linkerkant. Ga achter je kind fietsen indien je anders niet kan kruisen met een tegenligger.  Heeft je kind al wat meer ervaring, dan fiets je er achter. Maak voor het vertrek duidelijke afspraken met je kind. Bijvoorbeeld: “Als ik STOP roep, stop je onmiddellijk en blijf je aan de kant staan”, “Aan dat kruispunt stoppen we”,... Aarzel niet om je kind onderweg aan te moedigen. Eens aangekomen geef je wat uitleg over wat goed ging en wat minder goed was.

Je kind fietst alleen naar school

Voordat je je kind alleen naar school laat fietsen wees er dan eerst zeker van dat je kind dit zelfstandig kan. Kan je kind achter zich kijken en zijn arm uitsteken zonder uit te wijken? Kan het de afstanden en snelheden van de auto’s voldoende  inschatten? Is hij/zij zich bewust van de gevaren? 

Oefen de route zeker op voorhand en zoek de veiligste weg uit. Kies hierbij voor straten met weinig verkeer, waar de wagens niet snel rijden, met een breed fietspad of waarvan het fietspad is afgeschermd van de rijbaan en plaatsen waar er veilige oversteekplaatsen zijn (indien nodig moet je afstappen en met de fiets aan de hand oversteken). Daarnaast is het ook belangrijk dat je je kind leert om goed te communiceren met de bestuurders: arm uitsteken voor het afslaan, oogcontact zoeken met de bestuurder,... 

De juiste uitrusting voor kind en fiets

Controleer voor de eerste schooldag (en daarna ook regelmatig) of de fiets van je kind aan de technische eisen voldoet:

  • Zorg ervoor dat het kader van de fiets de juiste maat is voor je kind.
  • Onderhoud de fiets steeds goed (remmen, banden,…).  
  • Laat je kind een fietshelm dragen. Bij een val of een ongeluk wordt het hoofd het meest geraakt, met soms heel ernstige gevolgen.  
  • Motiveer je kind om een reflecterend hesje of minstens een armband te dragen. In de herfst en de winter zijn de dagen kort en is het vaak nog duister als je kind naar school vertrekt. Zorg ervoor dat fietslichten en reflectoren dan in prima staat zijn en dat je kind de fietsverlichting ook echt aansteekt. 
  • Maak de boekentas stevig vast op de bagagedrager of laat hem deze dragen op de rug. Schooltassen aan het stuur brengen het evenwicht van de fietser in gevaar. Zorg er ook voor dat de boekentas van je kind zo licht mogelijk is.

Nog enkele tips:

  • Geef als ouder het goede voorbeeld door de verkeersregels te respecteren, gevaar te voorzien en je sociaal te gedragen naar andere verkeersdeelnemers. Het is immers zo dat kinderen veel leren door te imiteren. 
  • Kinderen jonger dan 9 jaar mogen met een kinderfiets (wieldiameter maximum 50 cm) altijd op de stoep fietsen, ook al is er een fietspad.
  • Al gehoord van fietspooling? Hierbij fietsen kinderen in kleine groepen, langs een afgesproken route en onder begeleiding van een volwassene naar school. Kinderen die meedoen aan de fietspool worden onderweg opgepikt en fietsen samen verder.

 

Naar school met de bus 

bus

Schoolvervoer

Als de school zelf schoolvervoer voorziet, dan is je zoon of dochter in goede handen tot in de school. Eens ze veilig zijn opgestapt, dan is het heel eenvoudig: gaan zitten, de chauffeur niet afleiden,... Er is steeds een begeleider aanwezig om een oogje in het zeil te houden. 

Met het openbaar vervoer

Het is belangrijk om je kind het lezen van de uurregeling aan te leren. Doe de busrit eerst een paar keer samen zodat je kind weet aan de hand van herkenningspunten wanneer hij/zij op de knop moet drukken om een halte aan te vragen.

Aan de halte
Het is gevaarlijk om al lopend te proberen nog een bus te halen. Het is minder erg om te laat te komen dan risico's te lopen! Geef je kind ook nog mee om zo ver mogelijk van de kant van de rijbaan te wachten en niet in te stappen als er reeds een geluidssignaal van de deuren is geweest. 

Tijdens de rit
Leer je kind om neer te zitten en indien dit niet mogelijk is, zich goed aan de stangen vast te houden en niet te dicht bij de deuren te gaan staan.

Bij aankomst
Indien je kind de weg moet oversteken, laat hem/haar dan wachten tot de bus vertrokken is zodat hij/zij een goede zichtbaarheid heeft en goed gezien kan worden. Het is het beste om niet onmiddellijk voor of achter de bus over te steken.

Nog enkele tips:

  • Wist je dat het openbaar vervoer eigenlijk het veiligste vervoermiddel is?
  • Spreek duidelijk af met je kind wat het moet doen in onvoorziene omstandigheden: wanneer komt de volgende bus? Wie kan je verwittigen of waar kan je naartoe gaan als er geen bus of tram meer komt (bij staking of ongeval)?

 

Met de auto naar school

auto

We brengen onze kinderen vaak met de auto naar school uit bezorgdheid, maar hierdoor is het gevaar niet geweken. Het is zo dat meer dan de helft van de kinderen die gewond raken in het verkeer autopassagiers zijn!

Voor het vertrek: gordel aan!

Iedereen is verplicht om zich vast te klikken ook al is het maar voor een korte rit en langs rustige straten. Zet je kind in een autostoeltje of vanaf 15 kg op een verhogingskussen. Om je kind optimaal te beschermen, is het belangrijk om de gordel steeds correct te bevestigen. Steek hem nooit onder de arm of achter de rug! 

Snelheid

De reacties van kinderen zijn onvoorspelbaar. Wees dus op je hoede als je een kind op straat ziet. Rij niet sneller dan 30 km/u in de omgeving van een school. Bij deze snelheid loopt een voetganger 5% gevaar om het leven te komen bij een aanrijding, bij een snelheid van 50 km/u stijgt het risico tot 45%!

Nog enkele tips:

  • Al eens gedacht aan carpooling? Als er meerdere kinderen van verschillende gezinnen samen rijden, zijn er minder auto's op de weg naar school en wordt het veiliger voor fietsers en voetgangers.
  • Stilstaan en parkeren mag enkel waar het toegelaten is, ook al is het maar voor even. Het is verboden om dubbel te parkeren, te parkeren aan een bushalte, op het fietspad, zebrapad of op de stoep. Parkeer je auto iets verderop en stap desnoods met je kind mee tot aan de school. Fout geparkeerde wagens brengen kinderen in gevaar doordat ze het zicht belemmeren en zelf niet goede worden gezien. Ook andere weggebruikers zoals voetgangers en fietsers worden gedwongen om uit te wijken naar de rijbaan en lopen hierdoor meer gevaar. Let er steeds op dat er niemand zich voor of achter je wagen bevindt als je vertrekt of manoeuvreert. 

 

Met de brom- of motorfiets naar school

brommer

Wie mag vervoerd worden?

  • Kinderen onder de 3 jaar mogen niet vervoerd worden op een brom- of motorfiets.  
  • Kinderen van 3 jaar tot 8 jaar mogen niet worden vervoerd worden op een motorfiets met een cilinderinhoud van meer dan 125 cc.  Op een tweewielige motorfiets of een motorfiets met een maximale cilinderinhoud van 125 cc moeten kinderen van 3 jaar tot 8 jaar in een voor hen geschikt kinderbeveiligingssysteem vervoerd worden.

Nog enkele tips:

  • Zorg ervoor dat je kind goed beschermd is en goed zichtbaar is.
  • Laat je kind de juiste uitrusting dragen. Die bestaat uit een valhelm, een lange broek, handschoenen, een jas met lange mouwen en laarzen of bottines die de enkels beschermen
  • De helm moet gehomologeerd zijn volgens de laatste Europese norm : ECE-R 22.05. Het is niet toegestaan om het kind te voorzien van een fiets- , rolschaats- , of skihelm (deze bieden onvoldoende bescherming).

 

Bron: Vias institute / BIVV

Bijlage