Mistlichten: wanneer moet het en wanneer mag het?

Mistig weer zorgt voor een beperkte zichtbaarheid op de weg. Dat was vanochtend ook duidelijk merkbaar. Mistlichten helpen om zelf beter te zien en om tijdig opgemerkt te worden door andere weggebruikers. Toch mag je ze niet zomaar altijd gebruiken. Ze zijn erg fel en kunnen andere bestuurders verblinden.

Wanneer gebruik je de mistlichten achteraan?

Het mistlicht achteraan geeft een fel rood licht. Op het dashboard herken je het aan het oranje symbool.

Bij mist of sneeuwval moet je het mistlicht achteraan inschakelen zodra je minder dan 100 meter ver ziet. Bij felle regen is het gebruik ervan eveneens verplicht.

In andere omstandigheden mag je het mistlicht achteraan niet gebruiken. Het felle rode licht kan achterliggende bestuurders verblinden en maakt remlichten minder opvallend.

 

Wanneer gebruik je de mistlichten vooraan?

De mistlichten vooraan herken je op het dashboard aan het groene symbool.

Het gebruik ervan is nooit verplicht. Je mag de voorste mistlichten enkel gebruiken als het mistig is, sneeuwt of hard regent. 

 

Vergeet je mistlichten niet terug uit te schakelen

Verbetert het zicht of rijd je uit de mistbank? Schakel je mistlichten dan opnieuw uit. Wie ze zonder geldige reden laat branden, hindert andere weggebruikers en is in overtreding.

Let ook op wanneer je wagen automatische verlichting heeft. Controleer zelf of de juiste verlichting brandt en vertrouw bij slecht zicht niet alleen op de automatische stand.

Labels