Myriam Buts is de senior van de maand juli
Maak kennis met Myriam Buts, een fiere Leuvense van 62, oud-lerares haarzorg en nu vrijwilligster in woonzorgcentrum Ter Putkapelle. Ze is een drijvende kracht achter de Akademie van ’t Leives, waar ze dialect levend houdt op én naast het podium. Dankbaar en actief blijft ze volop genieten van het Leuvense leven. “Wat is er mooier dan je inzetten als vrijwilligster, je beleeft er zoveel plezier aan, de hele dag thuiszitten is niets voor mij”.
De wieg in Leuven
Myriam Buts, 62 jaar, is geboren en getogen in Leuven. Zowel haar grootouders als haar ouders waren trotse Leuvenaars. Haar vader groeide op in de Mussenstraat, haar moeder in de Pompstraat, en haar oom baatte een café uit in het centrum van de stad. Haar ouders leerden elkaar kennen aan de universiteit, vestigden zich eerst in Leuven, en verhuisden later naar Leefdaal en Veltem, waar haar vader zeventien jaar huisarts was. Uiteindelijk keerden ze terug naar hun vertrouwde Leuven, in het Kareelveld, dicht bij hun volwassen kinderen.
Myriam had één jongere zus, die vorig jaar helaas overleed - een verlies dat ze nog steeds moeilijk verwerkt. Ze mist haar zus, haar buurvrouw, haar steun. Een huismoedertje is ze nooit geweest; mede daardoor bleef haar huwelijk kinderloos. Toch is ze altijd de oogappel geweest van de kinderen van haar zus.
Ze groeide vooral op bij haar grootmoeder in Wilsele, waar ze naar de kleuter- en lagere school Bleydenberg ging en later een tijd werkte op het secretariaat. Op haar twaalfde koos ze voor Paridaens, waar ze de richting Latijn-Wetenschappen volgde. Zorgzaam als ze is, begon ze aan de opleiding verpleegkunde, maar stopte tijdens de eerste stage: voor haar een te emotionele en confronterende ervaring.
Actief als ze was, ging ze als jobstudent aan de slag bij Carrefour, onzeker over wat de toekomst zou brengen. Omdat ze graag met haar handen werkte, schreef ze zich in voor de opleiding haarzorg aan het Sint-Jozefinstituut in Kessel-Lo. Na het behalen van haar D-cursus didactiek bleef ze er meteen aan de slag als lerares, een job die ze met hart en ziel dertig jaar lang uitoefende. Op haar 55ste koos ze - toen kon dat nog - voor vervroegd pensioen.
Vrijwilligerswerk
Sindsdien zet deze bezige bij zich enthousiast in als vrijwilligster in het diensten- en woonzorgcentrum Ter Putkapelle. Twee dagen per week is ze er actief als manusje-van-alles: ze helpt waar nodig, verzorgt de kapsels van de bewoners en assisteert bij de maaltijden. Eerder deed ze vrijwilligerswerk in het kinderziekenhuis van Gasthuisberg, maar dat was emotioneel belastend en stopte door de coronacrisis.
Haar motivatie vat ze mooi samen:“Waarom zou je niet helpen? Je krijgt zoveel terug. Het leven is geven en nemen. Ik ben dankbaar dat ik een pensioen krijg om niets te doen, dus wil ik iets terugdoen voor de maatschappij.”
Akademie van ’t Leives
Veel Leuvenaars kennen haar ongetwijfeld als bezielster, bestuurslid en penningmeester van de Akademie van ’t Leives, die dit jaar haar 35-jarig bestaan viert. Een vijfdaagse opleiding in het Leuvens stadhuis, bekroond met een diploma, was het begin van haar liefde voor het dialect en de gemeenschap errond.
Myriam vertelt glunderend dat haar moeder wilde dat haar kinderen thuis beschaafd Nederlands spraken, maar haar vader koos resoluut voor het “Leives”. Haar dictietoetsen op Paridaens waren dan ook geen hoogvliegers.
Vandaag zijn haar voornaamste bekommernissen de uitstap naar Villers-la-Ville in augustus en de toneelopvoering Potvermille op 15 november. Ze is immers niet alleen bestuurslid, maar ook toneelspeelster op het podium. Dankzij de Akademie heeft ze nauwe contacten met de mannen van de jaartallen, joorzangers, de DJ van het seniorenbal en andere rasechte Leuvenaars. Ze geniet met volle teugen van de vele Leuvense activiteiten. Tijdens het Groot Verlof is ze altijd van de partij - bij Leuven Zingt is ze al om 17 uur present voor het beste plekje op het terras, dicht bij het podium.
Wonen in Leuven als senior
Myriam heeft als jonge senior geen probleem met dat label. Daar is ze simpelweg niet mee bezig, ze heeft er geen tijd voor. Fietsen in Leuven durft ze niet meer, zeker niet tussen de vele mensen en studenten. Ze verplaatst zich liever te voet of met het openbaar vervoer.
Ze is best tevreden over wat de stad voor senioren doet. Wel betreurt ze dat ze zich 's avonds niet meer veilig voelt in de buurt van het station. Alleen op stap gaan in die wijk doet ze niet meer: vandalisme, onbekende talen, en zeker geen “Leives” meer. Ze heeft heimwee naar de tijd dat mensen 's avonds stoelen voor hun deur zetten en samen op straat keuvelden, terwijl er amper een auto passeerde. De tijd van toen...
Myriam rondt het aangename gesprek af met de mooie woorden: “Klagen en zagen helpt niet, ik ben vooral dankbaar dat ik hier kan wonen, dat ik nog zoveel kan doen, dat ik nog gezond ben.”