Het kwartier van de kazernes

Bijna een eeuw lang bepaalde de aanwezigheid van het leger in sterke mate het landschap in het oosten van Etterbeek en het zuidwesten van Elsene, zodanig dat er kan gesproken worden van een echte "kazernewijk".

Vandaag blijven er nog verschillende resten van over. Langsheen de Boulevard Militaire (de huidige Generaal Jacques laan en de Louis Schmidt laan) bevonden zich de Arsenaalkazerne, de kazerne van de artillerie (de Rolin kazerne), de kazernes van de ruiterij (de kazernes Géruzet en de Witte de Haelen), het Oefenterrein, het militaire station en de kazerne van de Rijkswacht met wat verderop het Militaire Hospitaal.

De kazernes zijn, in tegenstelling tot vestingwerken, niet ontworpen om weerstand te bieden bij een aanval. Ze deden dienst als opslagruimte voor materiaal en gaven een woonst aan de soldaten. Ondanks hun krijgshaftig uitzicht, stonden ze open naar hun omgeving toe. Ze drukten bijgevolg een stempel op het leven van de wijk.

De kazernes van Etterbeek en Elsene zijn gebouwd tussen het einde van de 19de eeuw en de Eerste Wereldoorlog. Het was een periode waarin de combinatie paard-trein de voornaamste vervoermethode werd en waarin ongehuwde soldaten hun soldij spendeerden in de nabijgelegen kroegen en cabarets.

Comfort was in die tijd nog een ongekend begrip in het militaire milieu en de tweedeling tussen officieren en de troep werd sterk benadrukt.

De technologische en sociale omwentelingen, die volgden na de Eerste Wereldoorlog, maakten dat de kazernes geleidelijk aan verouderd overkwamen. De gebouwen, waarvan een aantal al beschadigd werden tijdens de Tweede Wereldoorlog, gingen teloor. De bestemming ervan veranderde naar aanleiding van de reorganisatie van het leger. Desondanks de snelle ontwikkeling van de Rijkswacht, zijn de twee kazernes van de ruiterij en die van de Rijkswacht de enige gebouwen die ongedeerd de tand des tijds hebben overleefd.

Opmerking:

Onze geschiedenispagina's bevatten oude foto's met een documentair karakter die publiek domein zijn. Tevens zijn er bepaalde foto's die auteursrechtelijk beschermd zijn. Wij hebben jammer genoeg niet alle fotografen kunnen terugvinden om hen om schriftelijke toestemming tot reproductie te vragen. Wij nemen verantwoordelijkheid om deze stukken te publiceren, in gedachten houdende dat wij de herinnering en de bedoelingen van de auteurs volgen. Indien u een foto opmerkt waarvan u meent de auteursrechten te bezitten, nodigen wij u uit om onze historische dienst te contacteren.

Het Militair hospitaal

Het Militair Hospitaal van Elsene werd opgericht in 1888. Het werd gebouwd op een uitgestrekt terrein van 6 hectare, langs de Troonstraat (een deel hiervan werd later de Kroonlaan). Vanaf 1935, veranderde de officiële benaming in "kwartier luitenant-generaal dokter Melis", genoemd naar de chef van de gezondheidsdienst in het leger tijdens de Eerste Wereldoorlog.

De constructie van het Militair Hospitaal en de bouw van de nieuwe kazernes te Etterbeek kaderden in de oprichting van een militaire wijk en in de modernisering van het leger. In het Militair Hospitaal werden de zieken, om gezondheidsredenen, ondergebracht in verluchte paviljoenen. Een netwerk van galerijen met beglazing zorgde voor een verbinding tussen de paviljoenen onderling. In het midden bevond er zich een opgehoogde kapel, die de ingewikkelde installatie van verwarming en elektriciteit verborgen hield. Tenslotte bevonden er zich langs de straatkant technische en administratieve gebouwen, evenals een klooster van de ziekenzusters van H. Augustinus.

Tot 1914 was het Hospitaal een exemplarisch voorbeeld in zijn genre. Daarna moest het zich aanpassen aan de evolutie van het medische onderzoek (ontwikkeling van specialisaties, complexere medische instrumenten, enz.), waardoor het genoodzaakt was enkele transformaties te ondergaan. Eén van de nieuwe gebouwen, opgericht in 1948, is het centrale Laboratorium. Het Militair Hospitaal leverde gedurende verschillende jaren een goede dienst; wanneer de dokters staakten in 1964 ving het zieke burgers op. Ondanks deze inspanningen, dat het verstrekte tot 1980, werd het vlug als verouderd afgedaan. Het leger verhuisde al zijn medische diensten in 1974 naar Neder-Over-Heembeek en verkocht het domein.

Gedurende een kwarteeuw lag het er verlaten bij. Daarna werd het Militair Hospitaal van Elsene helemaal vernietigd ten voordele van de "Kroontuin", een woning- en bureaucomplex, dat gebouwd werd in 2002 door architectenbureau A.2R.C. Deze laatste zorgden ook voor de inrichting van het Brusselse Parlement. Vreemd genoeg voorzag hun project om de twee hoekpaviljoenen (de voormalige woonsten van de Hoofddokter en het medische personeel) te bewaren. Het centrale gebouw, met zijn prachtige Vlaamse neorenaissancistische gevel, werd echter vernietigd. Het gebouw, dat in de plaats werd opgericht, wordt voortaan afgehuurd door de Staat. Zij heeft er verschillende directies van de Federale Politie in ondergebracht.

De kazerne van de Rijkswacht te Elsene

De kazerne van de Rijkswacht, die zich bevindt op het grondgebied van Elsene, werd gebouwd in 1909, langs de "Boulevard Militaire". Ze bekleedde een andere functie dan de oudere kazernes van Etterbeek. Deze laatste werden allen geconstrueerd vanuit de functionele rol die ze moesten vervullen. Ze zijn minder statig, want ze beoogden zich in te schrijven in het landschap eerder dan zich ervan te onderscheiden.

De kazerne in Elsene was bestemd voor de opleiding van de Rijkswachters. Ze bestond ondermeer uit collegezalen, een bibliotheek, een hindernissenparcours voor de opleiding van de ruiters, met uiteraard de paardenstallen en de verblijfplaatsen voor de troepen. Kenmerkend voor die tijd is het "gebouw voor de getrouwden" dat verrees op de hoek van de Kroonlaan en de Fritz Toussaint laan. Het gaf een beetje privacy aan diegene die de toelating kregen om te huwen…

Na de Tweede Wereldoorlog breidde het takenpakket van de Rijkswacht sterk uit. De apparatuur, die nodig was om deze opdrachten tot een goed einde te brengen, kende ook een snelle ontwikkeling. Hierdoor werd het noodzakelijk om nieuwe gebouwen op te richten. De meest indrukwekkende constructie is zonder twijfel het Centrum voor Informatieverwerking (1975). In de jaren 1990 werd naast dit gebouw een communicatietoren gebouwd.

Deze uitbreidingen blijken echter nog niet te voldoen voor de uitvoerige taken van de Rijkswacht. Ze namen bijgevolg hun intrek in verschillende andere gebouwen zoals het "klooster" van de Zusters van Bergen, dat een oud verbouwd rusthuis geworden was. Vervolgens vestigen zij zich ook in het "Hotel du Transit", dat een verblijfplaats werd voor officieren en schuin tegenover het station van Etterbeek gelegen was en ook de twee kazernes van ruiterij werden een vaste verblijfplaats.

Toen de Rijkswacht in 2000 ophield te bestaan, werd het "monument van de Rijkswacht", opgericht in 1921 op de hoek van de Boulevard en de Juliette Wytsmanstraat, de enige getuige van het glorierijke verleden van deze eerbiedwaardige groep.

De kazerne van de Rijkswacht te Elsene

De kazerne van de Rijkswacht, die zich bevindt op het grondgebied van Elsene, werd gebouwd in 1909, langs de "Boulevard Militaire". Ze bekleedde een andere functie dan de oudere kazernes van Etterbeek. Deze laatste werden allen geconstrueerd vanuit de functionele rol die ze moesten vervullen. Ze zijn minder statig, want ze beoogden zich in te schrijven in het landschap eerder dan zich ervan te onderscheiden.

De kazerne in Elsene was bestemd voor de opleiding van de Rijkswachters. Ze bestond ondermeer uit collegezalen, een bibliotheek, een hindernissenparcours voor de opleiding van de ruiters, met uiteraard de paardenstallen en de verblijfplaatsen voor de troepen. Kenmerkend voor die tijd is het "gebouw voor de getrouwden" dat verrees op de hoek van de Kroonlaan en de Fritz Toussaint laan. Het gaf een beetje privacy aan diegene die de toelating kregen om te huwen…

Na de Tweede Wereldoorlog breidde het takenpakket van de Rijkswacht sterk uit. De apparatuur, die nodig was om deze opdrachten tot een goed einde te brengen, kende ook een snelle ontwikkeling. Hierdoor werd het noodzakelijk om nieuwe gebouwen op te richten. De meest indrukwekkende constructie is zonder twijfel het Centrum voor Informatieverwerking (1975). In de jaren 1990 werd naast dit gebouw een communicatietoren gebouwd.

Deze uitbreidingen blijken echter nog niet te voldoen voor de uitvoerige taken van de Rijkswacht. Ze namen bijgevolg hun intrek in verschillende andere gebouwen zoals het "klooster" van de Zusters van Bergen, dat een oud verbouwd rusthuis geworden was. Vervolgens vestigen zij zich ook in het "Hotel du Transit", dat een verblijfplaats werd voor officieren en schuin tegenover het station van Etterbeek gelegen was en ook de twee kazernes van ruiterij werden een vaste verblijfplaats.

Toen de Rijkswacht in 2000 ophield te bestaan, werd het "monument van de Rijkswacht", opgericht in 1921 op de hoek van de Boulevard en de Juliette Wytsmanstraat, de enige getuige van het glorierijke verleden van deze eerbiedwaardige groep.

De ruiterijkazerne de Witte de Haelen

De kazerne van het Eerste Regiment van de Gidsen werd genoemd naar Luitenant- generaal de Witte, overwinnaar van de slag in Halen tegen de Duitsers (12 augustus 1914). De gidsen zijn de erfgenamen van de "Maaskozakken". Deze vrije ruiters uit het vroegere Hollandse leger vochten mee aan Belgische zijde in de Revolutie van 1830 .

Deze kazerne en diegene die er langs ligt werden beiden gebouwd vanaf 1875 in de nieuwe militaire wijk waarvan ze de meest belangrijke monumenten vormen. Toch gaan er stemmen op dat de gebouwen, ontworpen door architect Pauwels met hun weelderige gevels in Franse stijl en prachtige sculpturen aan de toegangspoort, een te groot kostenplaatje hebben.

Het dagelijks leven was er nochtans zeer Spartaans (het merendeel van de gebouwen was niet verwarmd) en de ingebruikname zorgde voor heel wat problemen zoals een officier het in 1879 zeer kritisch verwoordde: "In de kazerne van Etterbeek (…) worden de mannen ondergebracht in een poolgebied. Zijn paardentuig is in het ene vertrek en zijn rijdier bevindt zich in een ander vertrek, zodat, in geval van alarm de soldaat naar beneden moet gaan naar de paardenstallen om zijn uitrusting te gaan halen dat hij vervolgens tussen de uitwerpselen achter het paard moet leggen. Nadien moet hij terug naar boven gaan om zijn paardentuig te gaan halen dat hij weer naar beneden moet brengen om het achter zijn paard te leggen tussen de uitwerpselen".

Vanaf het begin van de 20ste eeuw werden nieuwe paardenstallen gebouwd langs de "nieuwe laan - avenue nouvelle". Deze laan verving de oude "avenue des Dragons de Latour" (genoemd naar een andere legendarische ruiterij uit de periode van de Franse Revolutie) die hiervoor langsheen de kazerne liep.

In de periode van het Interbellum legde de graaf van Vlaanderen in deze kazerne zijn eed af als onderluitenant van het regiment (1926). Na de Tweede Wereldoorlog vertrokken de Gidsen om zich in het bezette Duitsland te vestigen. De Mobiele eenheid van de Rijkswacht nam geleidelijk aan het roer over in de kazernes, waardoor aanpassingswerkzaamheden moesten uitgevoerd worden. Er werden enkele grote garages gebouwd om de voertuigen voor de ordehandhaving in onder te brengen. De plaats bleef zijn historisch karakter behouden en vervult nog steeds dezelfde functie als in de beginjaren, nu voor de federale politie.

De ruiterijkazerne Majoor Géruzet

De kazerne werd genoemd naar Majoor Géruzet, één van de helden uit 1914-1918 (hij stierf na de eerste gasaanval door de Duitsers aan het front van de IJzer). Het gebouwencomplex werd omstreeks dezelfde tijd en in dezelfde stijl geconstrueerd als de kazerne van het Eerste Regiment van de Gidsen. Ditmaal was het bestemd voor het Tweede Regiment van de Gidsen. Zoals zijn tweelingbroer werd ook dit kwartier al vlug veel te klein en op het einde van de negentiende eeuw werden de gebouwen uitgebreid tot aan de Waversesteenweg: het "kozakken kwartier"

Het Tweede Regiment van de Gidsen werd afgeschaft in 1925 en in deze kazerne werden vervolgens andere troepen ondergebracht: het Regiment van de Tweede Lansiers (waarvan het monument werd opgericht in de straat met dezelfde naam) en ook het 6e en het 12e Artillerie Regiment. In die tijd werd het merendeel van de kanonnen nog getrokken door paarden en de artilleristen hadden dus grote ruiterijen nodig. Enkele jonge lichtingen hebben nog het militaire werk gekend "van in de oude tijd" zoals M. Balaes in 1935:

"Wij stonden op om 5 uur om onze kledij aan te trekken, de klompen aan te doen en naar de paardenstallen te gaan om er de paarden te roskammen…met stalmest. We moesten ook de drek opkuisen (…) het stro werd gelegd tot een hoogte van 40 centimeter (…)Hierna gaven we de paarden haver, waarna we ze naar de drinkplaats brachten". Om 8 uur begonnen we de oefeningen in het oefenplein. De ruiters deden hun wandeling in het Zoniënwoud of te Stockel, op dat moment nog een volledig landelijk gebied.'s Avonds namen diegenen die in de kazerne verbleven hun toevlucht in de cafeetjes, zoals die op de hoek van de Waversesteenweg en de Generaal Jacqueslaan (interview gepubliceerd in Le Soir op 13 oktober 1984)

Na de Tweede Wereldoorlog nam de Luchtmacht zijn intrek in de Géruzet kazerne totdat de Rijkswacht de site overnam in 1976 om er de Koninklijke Rijkswachtschool te installeren. De lokalen waren in zo een slechte staat dat de verhuis parlementaire vragen opriep: "Het is zelfs niet denkbaar dat de leerlingen van de Rijkswachtschool van 1978 moeten logeren zoals diegenen van 1946, in kamers met tien tot vijftien bedden en verwarmd door een kachel in het midden van het vertrek." De gebouwen werden gerenoveerd in de loop van de volgende jaren met respect voor de oorspronkelijke architectuur.

Tegenover de kazerne installeerde de brigade van Etterbeek zich in "de Piramide" een gebouw met een logistieke functie die nu toebehoort aan de zone Montgomery.

De kazernes van de logistieke eenheden

De geschiedenis van het kazernekwartier zou niet volledig zijn zonder een woord van uitleg over de logistieke gebouwen die de militaire activiteiten mogelijk maakten: verwarming van de kwartieren, het schoonmaken van het wasgoed, onderhoud van het materiaal, etc. De militairen verantwoordelijk voor deze taak droegen de naam "Trein troepen".

Omdat de twee grote ruiterijkazernes voortdurend plaats te kort kwamen gingen ze hun logistieke taken meer en meer uitbesteden buiten de kwartieren. Dit maakte de constructie noodzakelijk van een aantal gebouwen met een soms heel uiteenlopende stijl aan de andere kant van de Luchtmachtlaan en de Ruiterijlaan.

In het gedeelte tegenover de kazerne De Witte De Haelen werd sinds 1923 een aantal garages voor wagens ondergebracht. Tegenover de Geruzet kazerne bevond zich de "Quartier Maître", een eclectisch geheel van gebouwen uit verschillende tijdvakken waarvan een aantal reeds zijn verdwenen.

Van diegenen die zijn overgebleven vermelden we twee gebouwen in Vlaamse neorenaissance stijl daterend van 1898 en 1903. De ene herbergt het oude toerustingsmagazijn van de Rijkswacht (n°3) en het andere de Historische Dienst van de Politie (n°33). In het midden bevindt zich het "Huis van de Gouverneur", een prachtig neoklassiek gebouw uit 1871 dat er helaas reeds verschillende jaren zwaar verkommerd bijligt. Waarvoor dit huis oorspronkelijk heeft gediend en waarom het dit Nederlandstalig opschrift heeft blijft een mysterie. Laten we hopen dat het niet hetzelfde lot zal ondergaan als de Rolin kazerne en het Militair Hospitaal!

De Rolin kazerne

De artillerie kazerne werd gebouwd tussen 1877 en 1883 in de buurt van de Waversesteenweg en de latere Louis Schmidt Laan en Commandant Ponthier straat. Na de Eerste Wereldoorlog werd deze kazerne genoemd naar twee gesneuvelde broers, gestorven op het slagveld van dit conflict.

In 1925 werd een groot monument opgericht voor de centrale toegangspoort ter ere van alle gevallen artilleristen.

Alhoewel het gelijktijdig werd opgericht met de twee naburige kazernen en het ongeveer eenzelfde functie had (de eenheden van de artilleristen hadden paarden tot in 1936), kregen de gebouwen een ander uitzicht. De stijl was minder plechtig en meer gelijkend op de provinciale kazernes. Het hoofdgebouw lag in het midden van de site en niet aan de voorkant langs de straat.

De artilleristen verlieten de gebouwen in 1944 waarna ze werden ingenomen tot 1974 door het bataljon voor de transmissie, het "5e TTR". Na het vertrek van deze eenheid, werd de kazerne jammer genoeg verlaten en vervielen de gebouwen tot ruïnes - de Rijkswacht kreeg zelfs de toelating om het terrein te gebruiken voor schietoefeningen!

Ondanks het feit dat verschillende organisaties ijverden voor het behoud van het patrimonium en er enkele interessante voorstellen waren om een deel van de site te renoveren, werden de gebouwen vernietigd in 1993. Zelfs de magnifieke inkomhal, geflankeerd door twee torens met kantelen en met een monogram van Leopold ll, moest er aan geloven. Een gebouw werd voorlopig gespaard omwille van de grote historische waarde, namelijk "het gebouw van de gehuwden". Dit huis was in feite niet voor echtparen bestemd maar mocht gebruikt werden tijdens de huwelijksnacht van de militairen. Helaas werd uiteindelijk beslist om ook dit gebouw te vernietigen.

In plaats van de kazerne kwam een gebouwencomplex met appartementen en bureaus, voltooid in 2002 door het architectenbureau Assar (zij renoveerden verder ook de Koninklijke Militaire School). Een zeer omstreden project, "de Tour Rolin" met 12 verdiepingen werd al vlug verlaten. Enkel de naam van de nieuwe gebouwen herinneren nog aan het bestaan van een kazerne op deze plaats.

De Arsenaal Kazerne

De gebouwen bestemd voor de Transporteenheid werden gebouwd vanaf 1884 langs de Boulevard Militaire (nu Louis Schmidt Laan) en tegenover de Rolin kazerne. In 1901 deed het leger beroep op de architect van de "Ferme des Boues", Henri Van Dievoet, om het complex uit te breiden tot een echte kazerne met als naam "L'Arsenal du Charroi".

Het geheel werd geconcentreerd rond twee grote loodsen met een dak in ijzer en glas, waarvan de voorgevel langs de straatkant een middeleeuws karakter vertoond. Op deze plaats werden de paardenwagens en later motorvoertuigen geplaatst van het Belgische Leger. In de andere gebouwen waren verschillende herstellingsateliers gevestigd en de huisvesting voor het personeel.

Door een snelle modernisering en uitbreiding van het wagenpark werd het Arsenaal nog verder vergroot in 1930. In de loop van de jaren '70 besliste het leger om deze kazerne te verlaten. Het werd verkocht in verschillende loten in 1989, maar wist zijn historisch karakter te behouden door een andere bestemming te vinden voor enkele van de mooiste panden. De twee loodsen werden gerenoveerd door het architectenbureau GUS, aan wie we ook de restauratie van het Old England gebouw (huidige Muziekinstrumenten museum) te danken hebben. Ze geven onderdak aan verschillende kleine commerciële firma's. Het huis van de korpschef werd een restaurant, de "Mess". Binnenin tonen talloze prentkaarten het leven in de kazerne tijdens de "Belle Epoque".

Vreemd genoeg bevindt het monument voor de Transporteenheid zicht aan de andere kant van de Boulevard Militaire aan het uiteinde van de Tweede Regiment Lanciers laan.

Elle exerce ses missions sur l'ensemble du territoire belge, et est composée :

  • du commissariat général
  • de 3 directions générales
    • la Direction générale de la police administrative
    • la Direction générale de la police judiciaire
    • la Direction générale de la gestion des ressources et de l'information
  • de directions et services centraux à Bruxelles et de directions et services déconcentrésdans les arrondissements.

Voor al uw vragen en inlichtingen in verband met verkeersboetes kan u terecht op de website https://justonweb.be/fines/online-help.

Nog geen antwoord op uw vraag gevonden, neem dan contact op met het contactcenter op het nummer +32 (0)2 278 55 60 (ma. > vrij. / 8 u > 17 u).

Opdrachten en actieterrein

 

Genegotieerd beheer van de openbare ruimte (GBOR)  

DAS levert eenheden te voet en te paard om: 

  • de openbare orde te handhaven: manifestaties, stakingspiketten, voetbalwedstrijden, festivals, carnavals enz. 
  • de openbare orde te herstellen: gewelddadige manifestaties, rellen, schermutselingen enz. 

 

Federale interventiereserve (FERES)  

De Directie openbare veiligheid stelt een nationale interventiereserve ter beschikking van de Geïntegreerde Politie die 24 uur per dag en 7 dagen op 7 inzetbaar is. Deze gespecialiseerde en veelzijdige eenheid bestaat uit opgeleid en getraind personeel dat is uitgerust met specifieke middelen en bescherming. Ze kan aantreden in een lokaal GBOR-dispositief om bij te dragen aan het goede beheer van voorspelbare of onverwachte gebeurtenissen. 

Bewijsteam  

Het bewijsteam bestaat uit specialisten die zich in de menigte kunnen integreren om te observeren, te identificeren en aanhoudingen te verrichten. Met behulp van multimediamiddelen verzamelt het team bewijselementen en kan het, indien nodig, tot aanhouding overgaan. 




Team preuves

 

Steun te paard 

De politie te paard kan worden ingezet om de ordehandhaving te verzekeren tijdens geplande of onverwachte grootschalige gebeurtenissen. De politie te paard staat eveneens in voor de beschermings-, preventie- en bewakingsopdrachten in de vorm van patrouilles. De ruiter is overal inzetbaar (bossen, stranden, duinen ...), eerbiedigt het milieu, is zeer aanspreekbaar en heeft een hoog en goed gezichtsveld. De politie te paard heeft eveneens een protocollaire rol omdat ze de koninklijke escortes (ERKE) verzekert.  




ERKE

Presentatieclip

Heb je een interesse voor gepensioneerde politiepaarden?  

Wij zijn regelmatig op zoek naar een goede huisvesting voor de paarden van de Federale Politie die 'met pensioen' zijn. 

 

Wordt jouw paard onze volgende collega?

Als je een paard bezit en je wenst het te verkopen, zijn wij wellicht geïnteresseerd om de nieuwe eigenaar te worden.

 

Sproeiwagens 

Deze interventievoertuigen maken een behoedzaam en progressief gebruik van dwang mogelijk bij het genegotieerde beheer van de openbare ruimte. De sproeiwagens zijn uitgerust met digitale camera's en een wateraandrijvingssysteem om een menigte uit elkaar te drijven. De Directie openbare veiligheid beheert alle sproeiwagens van de Federale Politie. 




Sproeiwagens 

 

Armoured Personnel Carrier (APC)  

De APC is een gepantserd interventievoertuig voor het beveiligde transport van politieagenten in of buiten gevaarlijke zones. Met behulp van zijn schop kan het ook obstakels en barricades uit de weg ruimen om de doorgang vrij te maken. Tot slot stelt een interventieplatform de politieagenten in staat om op hoogte in te grijpen, maar ook om een gebouw snel en veilig te ontruimen. 




APC

 

Politieversperringen  

Politieversperringen zijn onlosmakelijk verbonden met ordehandhaving. Ze helpen om de afstand te bewaren die nodig is om menigten in te dammen en gebieden te isoleren. Er zijn verschillende soorten hindernissen zoals betonblokken, modulaire hekken of Friese ruiters.  




Politieversperringen  

 

Camera’s  

De Directie openbare veiligheid beschikt over een mobiel camerabewakingssysteem dat ze gebruikt in het raam van de opdrachten van bestuurlijke politie voor het beheer van menigten en gebeurtenissen. De high-definition camera's bieden 360° zicht, in real time en 24 uur per dag, 7 dagen op 7. Ze betekenen een echte meerwaarde voor de ondersteuning van het commando. 




Caméra

 

Lock-onteam  

Het Lock-onteam zet dispositieven op om personen los te maken die zich vrijwillig aan obstakels vastmaken of vastketenen om als menselijke schilden te fungeren. De specialisten zijn in staat om op een veilige manier vergrendelingssituaties op te lossen, met name tijdens activistendemonstraties.  




Team Lock-on

 

Werking

 

Enkele cijfers over DAS  

150 voertuigen 

​110 paarden

​5000 operationele opdrachten per jaar 

 

Onze leuze: Marcus  

MARCUS #LetsCallUsMarcus  

Specialized but Multitask  

                  Real Added value  

        Innovative Reinforcement  

 Oriented to the Community  

        Controlled Use of force  

           Together Strong  

 

De ambities van DAS  

DAS zet momenteel vooral in op de opleiding van haar personeel om via de federale reserve permanente gespecialiseerde steun te bieden. In de toekomst wil de eenheid haar expertise ontwikkelen en meewerken aan de evolutie van het beroep door middel van innovatieprojecten (GBOR-actiemodi, uitrusting, voertuigen ...). De integratie van nieuwe technologieën (artificiële intelligentie ...) staat centraal. DAS levert al op maat gemaakte oplossingen voor beeldopname in functie van de context en de omgeving. De directie ontwikkelt bovendien momenteel een dispositief van regie voor een optimale ondersteuning van de politie-entiteiten in het hart van de gebeurtenissen. Ze neemt deel aan alle projecten (raden, werkgroepen, onderzoek en ontwikkeling, operationele testen ...) die bijdragen tot deze evolutie die exponentieel snel verloopt.  

Om deze uitdagingen aan te gaan en te anticiperen op de toekomst, heeft DAS besloten om vooral en actief te investeren in de persoonlijke ontwikkeling van de medewerkers die over deze ambities beschikken.  

 

Profielen en competenties 

Om bij de Directie openbare veiligheid aan de slag te kunnen, volstaat het basisprofiel. Heb je een goede dosis gezond verstand en beschik je over normale fysieke capaciteiten? Dan kan DAS je een breed scala aan mogelijkheden bieden.   

DAS heeft als grootste voordeel dat het een grote tweetalige eenheid is met een grote verscheidenheid aan opdrachten. Het voornaamste onderscheid wordt bepaald door je keuze tussen de cavalerie en de infanterie.   

Of het nu gaat om patrouilles, ordediensten of een koninklijk escorte, de ruiters zitten sowieso het merendeel van de tijd te paard.   

De infanteristen zijn bezig met de andere, al dan niet, gespecialiseerde opdrachten. Er zijn de arrestatieopdrachten die iets meer fysieke vaardigheden vergen. Daarnaast zijn er genoeg andere opdrachten die eerder een portie gezonde interesse en zin voor initiatief vereisen. Van een radio-operator worden bv. andere kwaliteiten verwacht dan van een lid van een Lock-onteam. Voor al die opdrachten worden interne opleidingen georganiseerd. Om eraan deel te nemen, moeten de personeelsleden een intern selectieproces doorlopen.   

DAS dient zich als steuneenheid steeds aan te passen aan de frequent veranderende sociopolitieke realiteit op het terrein.   

Heb je meer interesse voor de bestuurlijke opdrachten? Ben je een beetje sportief en wens je te leren omgaan met de verschillende gespecialiseerde middelen van DAS die voor het genegotieerde beheer van de openbare ruimte ingezet worden? Onze leden zijn werkzaam op heel het Belgische grondgebied.   

Het allerbelangrijkste om goed te functioneren bij DAS is een positieve, gemotiveerde, beschikbare, bekwame, flexibele en polyvalente ‘teamplayer’ te zijn.  

 

 

test

test