De nieuwe briefjes van 100 en 200 euro zijn in omloop: een troef bij fraudebestrijding

Sinds 28 mei 2019 werden de nieuwe biljetten van 100 en 200 euro in omloop. De nieuwe echtheidskenmerken zullen het de vervalsers nog moeilijker maken. Een gesprek met commissaris Irina Dabaca, hoofd van de Centrale dienst voor de bestrijding van valsheden van de Federale Gerechtelijke Politie.

Na de briefjes van 5, 10, 20 en 50 euro komen nu de nieuwe biljetten van 100 en 200 euro op de markt. Een kostbare troef voor de Centrale dienst voor de bestrijding van valsheden in het kader van de strijd tegen valsmunterij. "De biljetten van de reeks 'Europa' onderscheiden zich van de vorige door hun nieuwe design, maar ook door de echtheidskenmerken die namaak bemoeilijken. Ze zijn zowel voor de handelaars en consumenten als voor de eerstelijnspolitieagenten op het terrein ook even gemakkelijk te controleren", legt commissaris en diensthoofd Irina Dabaca uit.

Billet 200

Fraudeurs passen zich echter heel snel aan. "De vaststelling die de Nationale Bank van België al in 1905 deed, namelijk dat 'het onnamaakbare biljet van de dag voordien het vervalste biljet van de dag erna is", is nog steeds actueel. "Met elke technologische vernieuwing komt er ook weer een reeks vervalsingen bij: gaande van de verouderde daguerreotypen tot de huidige offsetpersen, de uitgifte-instellingen en de vervalsers dwarsbomen elkaar voortdurend en ze proberen elkaar zo goed mogelijk te overtroeven. En dit met wisselend succes", vat de commissaris kort samen. "Valsmunterij is een crimineel fenomeen dat zowel burgers als handelaars treft. Onze collega's van zowel het lokale als het federale niveau over heel België zijn er regelmatig mee bezig."

Een profiel in evolutie

Aanvankelijk bleven de vervalsingen beperkt en waren ze van middelmatige kwaliteit. Ze werden echter steeds beter door de democratisering van de reproductieapparatuur en de toegankelijkheid van de performante offsetpersen. "We hebben een verandering van paradigma gezien: de vervalsers werden professioneler en de op industriële schaal vervaardigde vervalsingen van 'goede' kwaliteit hebben het continent overspoeld."

Momenteel kent het profiel van de vervalser een nieuwe evolutie. "Tussen de 'kleine ambachtelijke onderneming' en de wijdvertakte maffiafabrieken laveren onbekenden die gebeten zijn door informatica. Van achter hun computer met internetverbinding – vooral via het duistere darknet – en uitgerust met een eenvoudig all-in-one reproductieapparaat (scanner/printer/kopieerapparaat) maken ze vervalsingen waarvan de kwaliteit 'toereikend' is."

Hoe pakken we dit aan?

Momenteel telt het bureau 'Money' van de Centrale dienst voor de bestrijding van valsheden twee operationele leden die er in de herfst een nieuwe collega bijkrijgen. De leden van het team moeten op hun hoede blijven om de vervalsers het hoofd te bieden. "Hun expertiseniveau is hoog. Hier werken staat voor wetenschappelijke precisie, openheid en de voortdurende wil om te verbeteren. Je moet bovendien 'feeling hebben'. Dat is bij valsmunterij of valse documenten een must. Politieagenten die expertise bezitten op het vlak van valsmunterij, moeten nieuwe concepten en begrippen beheersen. De conflictzone wordt steeds groter. Er zijn dus nieuwe onderzoeksmethodes nodig om de virtuele wereld doeltreffend te belagen", besluit commissaris Dabaca.

Irina Dabaca

 

 

Een vervalser die veel last bezorgt

Aanvankelijk was de vervalsing van bankbiljetten voorbehouden aan min of meer talentvolle amateurs die hun productie op lokaal of nationaal niveau in omloop brachten. Maar Ceslaw Bojarski bracht iedereen op een dwaalspoor. "Hij boezemde de Banque de France jarenlang vrees in en dwarsboomde de klassieke politionele onderzoekstechnieken. Zijn doorzettingsvermogen en vindingrijkheid hebben het werk van de vaste tekenaars, graveerders, typografen en andere drukkers van de Banque de France verdrongen. Op zijn eentje is hij erin geslaagd om valse biljetten te maken en in omloop te brengen die zelfs de experten van deze eerbiedwaardige instelling niet van authentieke biljetten konden onderscheiden", specificeert Irina Dabaca.

Hij was actief tussen 1950 en 1964, maar werd uiteindelijk opgepakt en veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf. Na 13 jaar kwam hij vrij, maar stierf in 2003 in de grootst mogelijke armoede …