Drugs in het verkeer

Wat zegt de wet over drugs in het verkeer?

Voor drugs in het verkeer geldt een nultolerantie in ons land. De politie voert regelmatig drugcontroles uit en gaat daarbij na of je bepaalde verboden stoffen in je lichaam hebt. Zodra je sporen van de volgende stoffen in je lichaam hebt, ben je strafbaar:

  • THC (cannabis)
  • Amfetamine (speed)
  • MDMA (xtc)
  • Morfine of 6-acetylmorfine (heroïne)
  • Cocaïne of benzoylecgonine (cocaïne)
     

Wanneer moet je een drugstest afleggen?

Wanneer de politie, door bepaalde uiterlijke kenmerken, vermoedt dat je onder invloed van drugs een voertuig bestuurt of op het punt staat om een voertuig te besturen, kan ze je een drugstest laten afnemen. Het gaat daarbij niet enkel over de auto als voertuig, maar ook moto, brommer, fiets, paard, etc. Ook wanneer je betrokken bent in een verkeersongeval kan je aan een drugstest onderworpen worden. In dat geval kan je ook als voetganger gecontroleerd worden op drugsgebruik. Passagiers van voertuigen mogen enkel gecontroleerd worden op het gebruik van drugs, tenzij er een vermoeden is dat deze passagier een ongeval heeft veroorzaakt door de bestuurder te hinderen.

Hoe verloopt een drugscontrole?

Wanneer de politie controleert op alcohol in het verkeer, is er doorgaans tegelijk aandacht voor drugs in het verkeer. Aan de hand van een checklist gaat de politie na of er uiterlijke tekenen zijn die kunnen wijzen op recent druggebruik. Die checklist bestaat uit verschillende elementen, zoals fysieke kenmerken (bv. vernauwde of verwijde pupillen, moeilijk spreken, evenwichtsstoornissen, enz.), maar ook de aanwezigheid van de geur van drugs en het bezig van durgs of gebruikersmateriaal kunnen aanleiding geven tot een controle.  

Als de checklist met minimum drie tekenen aangeeft dat je mogelijk drugs hebt gebruikt, volgt een speekseltest. Bij daders of vermoedelijke daders van een verkeersongeval wordt sowieso een speekseltest afgenomen, zonder de checklist te overlopen. Met een wattenstaafje wordt een beetje speeksel uit de mondholte geschraapt, waarna het analysetoestel aangeeft of je in de voorbije uren drugs hebt gebruikt en welke drugs.

Is die speekseltest positief, dan krijg je een onmiddellijk rijverbod van 12 uur opgelegd. De procureur des Konings kan ook je rijbewijs voor 15 dagen laten intrekken. Dat zal bij druggebruik bijna altijd het geval zijn. Je voertuig wordt indien mogelijk ter plekke veilig geparkeerd, of getakeld. Een andere persoon met een geldig rijbewijs op zak, en niet onder invloed van alcohol of drugs, mag wel met jouw voertuig verder rijden. Je krijgt je rijbewijs pas terug na het afleggen van een negatieve speekseltest, en je moet je rijbewijs terughalen bij de politiedienst die het rijbewijs heeft ingehouden.

Je kan een speekseltest weigeren. De reden van weigering moet je niet meedelen aan de politie, maar die zal dan wel een arts oproepen die moet oordelen over de wettigheid van je weigering. Als de arts vaststelt dat de weigering ongegrond is, zal je moeten opdraaien voor de kosten voor de tussenkomst van de geneesheer.

Na een positieve speekseltest wordt een steekselstaal afgenomen door middel van een speekselcollector. Dat staal wordt in een labo onderzocht om het resultaat te bevestigen. De resultaten daarvan gelden als wettelijk bewijs. Als ook dat staal positief is, ben je strafbaar en moet je voor de politierechtbank verschijnen.

Je kunt deze speekselanalyse weigeren, maar ook dat heeft consequenties (een boete van 1.600 tot 16.000 euro als je geen wettige reden hebt om te weigeren)

Wat zijn de straffen?

Wie rijdt onder invloed van drugs krijgt een geldboete opgelegd van 1.600 tot 16.000 euro. Je riskeert ook een rijverbod van minimum 3 maanden tot maximum 2 jaar. Wie minder dan twee jaar over een rijbewijs B beschikt, krijgt automatisch een rijverbod opgelegd en moet opnieuw een rijexamen afleggen. Loop je binnen de drie jaar opnieuw tegen de lamp, word je zwaarder bestraft, met boetes tot 40.000 euro en een mogelijke gevangenisstraf van 1 maand tot 2 jaar, en een verval van het recht tot sturen (minimum 3 maanden en ten hoogste 5 jaar).

Je vraag blijft onbeantwoord? Contacteer ons via het contactformulier of telefonisch via 09 266 61 11.